De of het vogelhuisje?
Het vogelhuisje
Is het de of het vogelhuisje
In de Nederlandse taal gebruiken wij het vogelhuisje.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: birdhouse
Deutsch: Vogelhaus | Bekijk of het der of die Vogelhaus is.
Français: nichoir | Bekijk of het Le o La nichoir is.
Jou of jouw: jouw vogelhuisje
Buigings-e:
Mooi of mooie vogelhuisje
Groot of grote vogelhuisje
Half of halve vogelhuisje
Grappig of grappige vogelhuisje
Leeg of lege vogelhuisje
leuk of leuke vogelhuisje
Vet of vette vogelhuisje
Snel of snelle vogelhuisje
Wit of witte vogelhuisje
Klein of kleine vogelhuisje
Rood of rode vogelhuisje
Dik of dikke vogelhuisje
Oud of oude vogelhuisje
Goed of goede vogelhuisje
Wat rijmt er op vogelhuisje
Elk of elke: Elk vogelhuisje
Aanwijzend voornaamwoord: Dat vogelhuisje
Bezittelijk voornaamwoord: Ons vogelhuisje
Wat rijmt er op vogelhuisje
Buigings-e:
Mooi of mooie vogelhuisje
Groot of grote vogelhuisje
Half of halve vogelhuisje
Grappig of grappige vogelhuisje
Leeg of lege vogelhuisje
leuk of leuke vogelhuisje
Vet of vette vogelhuisje
Snel of snelle vogelhuisje
Wit of witte vogelhuisje
Klein of kleine vogelhuisje
Rood of rode vogelhuisje
Dik of dikke vogelhuisje
Oud of oude vogelhuisje
Goed of goede vogelhuisje
Wat rijmt er op vogelhuisje
Elk of elke: Elk vogelhuisje
Aanwijzend voornaamwoord: Dat vogelhuisje
Bezittelijk voornaamwoord: Ons vogelhuisje
Wat rijmt er op vogelhuisje
Oefening van de dag