De of het stoplichtje?
Het stoplichtje
Is het de of het stoplichtje
In de Nederlandse taal gebruiken wij het stoplichtje.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: traffic light
Jou of jouw: jouw stoplichtje
Buigings-e:
Mooi of mooie stoplichtje
Groot of grote stoplichtje
Half of halve stoplichtje
Grappig of grappige stoplichtje
Leeg of lege stoplichtje
leuk of leuke stoplichtje
Vet of vette stoplichtje
Snel of snelle stoplichtje
Wit of witte stoplichtje
Klein of kleine stoplichtje
Rood of rode stoplichtje
Dik of dikke stoplichtje
Oud of oude stoplichtje
Goed of goede stoplichtje
Wat rijmt er op stoplichtje
Elk of elke: Elk stoplichtje
Aanwijzend voornaamwoord: Dat stoplichtje
Bezittelijk voornaamwoord: Ons stoplichtje
Wat rijmt er op stoplichtje
Buigings-e:
Mooi of mooie stoplichtje
Groot of grote stoplichtje
Half of halve stoplichtje
Grappig of grappige stoplichtje
Leeg of lege stoplichtje
leuk of leuke stoplichtje
Vet of vette stoplichtje
Snel of snelle stoplichtje
Wit of witte stoplichtje
Klein of kleine stoplichtje
Rood of rode stoplichtje
Dik of dikke stoplichtje
Oud of oude stoplichtje
Goed of goede stoplichtje
Wat rijmt er op stoplichtje
Elk of elke: Elk stoplichtje
Aanwijzend voornaamwoord: Dat stoplichtje
Bezittelijk voornaamwoord: Ons stoplichtje
Wat rijmt er op stoplichtje
Oefening van de dag