De of het nageboorte?
De nageboorte
Is het de of het nageboorte
In de Nederlandse taal gebruiken wij de nageboorte.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: afterbirth
Deutsch: nach der geburt | Bekijk of het der of die nach der geburt is.
Français: placenta | Bekijk of het Le o La placenta is.
Jou of jouw: jouw nageboorte
Buigings-e:
Mooi of mooie nageboorte
Groot of grote nageboorte
Half of halve nageboorte
Grappig of grappige nageboorte
Leeg of lege nageboorte
leuk of leuke nageboorte
Vet of vette nageboorte
Snel of snelle nageboorte
Wit of witte nageboorte
Klein of kleine nageboorte
Rood of rode nageboorte
Dik of dikke nageboorte
Oud of oude nageboorte
Goed of goede nageboorte
Wat rijmt er op nageboorte
Elk of elke: Elke nageboorte
Aanwijzend voornaamwoord: Die nageboorte
Bezittelijk voornaamwoord: Onze nageboorte
Wat rijmt er op nageboorte
Buigings-e:
Mooi of mooie nageboorte
Groot of grote nageboorte
Half of halve nageboorte
Grappig of grappige nageboorte
Leeg of lege nageboorte
leuk of leuke nageboorte
Vet of vette nageboorte
Snel of snelle nageboorte
Wit of witte nageboorte
Klein of kleine nageboorte
Rood of rode nageboorte
Dik of dikke nageboorte
Oud of oude nageboorte
Goed of goede nageboorte
Wat rijmt er op nageboorte
Elk of elke: Elke nageboorte
Aanwijzend voornaamwoord: Die nageboorte
Bezittelijk voornaamwoord: Onze nageboorte
Wat rijmt er op nageboorte
Oefening van de dag