Jouw brood
Bij bezittelijke voornaamwoorden in de jij-vorm is het altijd jouw. Bij meewerkende voornaamwoorden zoals: ik geef het boek aan jou, komt er geen -w achter
Ook mogelijk het brood of dit brood
Oefening van de dag
Bij bezittelijke voornaamwoorden in de jij-vorm is het altijd jouw. Bij meewerkende voornaamwoorden zoals: ik geef het boek aan jou, komt er geen -w achter
Ook mogelijk het brood of dit brood