De of het doorzieken?
Het doorzieken
Is het de of het doorzieken
In de Nederlandse taal gebruiken wij het doorzieken.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: by sick
Deutsch: von Kranken | Bekijk of het der of die von Kranken is.
Français: par le malade | Bekijk of het Le o La par le malade is.
Jou of jouw: jouw doorzieken
Buigings-e:
Mooi of mooie doorzieken
Groot of grote doorzieken
Half of halve doorzieken
Grappig of grappige doorzieken
Leeg of lege doorzieken
leuk of leuke doorzieken
Vet of vette doorzieken
Snel of snelle doorzieken
Wit of witte doorzieken
Klein of kleine doorzieken
Rood of rode doorzieken
Dik of dikke doorzieken
Oud of oude doorzieken
Goed of goede doorzieken
Wat rijmt er op doorzieken
Elk of elke: Elk doorzieken
Aanwijzend voornaamwoord: Dat doorzieken
Bezittelijk voornaamwoord: Ons doorzieken
Wat rijmt er op doorzieken
Buigings-e:
Mooi of mooie doorzieken
Groot of grote doorzieken
Half of halve doorzieken
Grappig of grappige doorzieken
Leeg of lege doorzieken
leuk of leuke doorzieken
Vet of vette doorzieken
Snel of snelle doorzieken
Wit of witte doorzieken
Klein of kleine doorzieken
Rood of rode doorzieken
Dik of dikke doorzieken
Oud of oude doorzieken
Goed of goede doorzieken
Wat rijmt er op doorzieken
Elk of elke: Elk doorzieken
Aanwijzend voornaamwoord: Dat doorzieken
Bezittelijk voornaamwoord: Ons doorzieken
Wat rijmt er op doorzieken
Oefening van de dag