De of het bodemdaling?
De bodemdaling
Is het de of het bodemdaling
In de Nederlandse taal gebruiken wij de bodemdaling.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: Soil decline
Jou of jouw: jouw bodemdaling
Buigings-e:
Mooi of mooie bodemdaling
Groot of grote bodemdaling
Half of halve bodemdaling
Grappig of grappige bodemdaling
Leeg of lege bodemdaling
leuk of leuke bodemdaling
Vet of vette bodemdaling
Snel of snelle bodemdaling
Wit of witte bodemdaling
Klein of kleine bodemdaling
Rood of rode bodemdaling
Dik of dikke bodemdaling
Oud of oude bodemdaling
Goed of goede bodemdaling
Wat rijmt er op bodemdaling
Elk of elke: Elke bodemdaling
Aanwijzend voornaamwoord: Die bodemdaling
Bezittelijk voornaamwoord: Onze bodemdaling
Wat rijmt er op bodemdaling
Buigings-e:
Mooi of mooie bodemdaling
Groot of grote bodemdaling
Half of halve bodemdaling
Grappig of grappige bodemdaling
Leeg of lege bodemdaling
leuk of leuke bodemdaling
Vet of vette bodemdaling
Snel of snelle bodemdaling
Wit of witte bodemdaling
Klein of kleine bodemdaling
Rood of rode bodemdaling
Dik of dikke bodemdaling
Oud of oude bodemdaling
Goed of goede bodemdaling
Wat rijmt er op bodemdaling
Elk of elke: Elke bodemdaling
Aanwijzend voornaamwoord: Die bodemdaling
Bezittelijk voornaamwoord: Onze bodemdaling
Wat rijmt er op bodemdaling
Oefening van de dag