De of het bedrijfscrisis?
De bedrijfscrisis
Is het de of het bedrijfscrisis
In de Nederlandse taal gebruiken wij de bedrijfscrisis.
Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: business crisis
Deutsch: Business-Krise | Bekijk of het der of die Business-Krise is.
Français: crise de l'activité | Bekijk of het Le o La crise de l'activité is.
Jou of jouw: jouw bedrijfscrisis
Buigings-e:
Mooi of mooie bedrijfscrisis
Groot of grote bedrijfscrisis
Half of halve bedrijfscrisis
Grappig of grappige bedrijfscrisis
Leeg of lege bedrijfscrisis
leuk of leuke bedrijfscrisis
Vet of vette bedrijfscrisis
Snel of snelle bedrijfscrisis
Wit of witte bedrijfscrisis
Klein of kleine bedrijfscrisis
Rood of rode bedrijfscrisis
Dik of dikke bedrijfscrisis
Oud of oude bedrijfscrisis
Goed of goede bedrijfscrisis
Wat rijmt er op bedrijfscrisis
Elk of elke: Elke bedrijfscrisis
Aanwijzend voornaamwoord: Die bedrijfscrisis
Bezittelijk voornaamwoord: Onze bedrijfscrisis
Wat rijmt er op bedrijfscrisis
Buigings-e:
Mooi of mooie bedrijfscrisis
Groot of grote bedrijfscrisis
Half of halve bedrijfscrisis
Grappig of grappige bedrijfscrisis
Leeg of lege bedrijfscrisis
leuk of leuke bedrijfscrisis
Vet of vette bedrijfscrisis
Snel of snelle bedrijfscrisis
Wit of witte bedrijfscrisis
Klein of kleine bedrijfscrisis
Rood of rode bedrijfscrisis
Dik of dikke bedrijfscrisis
Oud of oude bedrijfscrisis
Goed of goede bedrijfscrisis
Wat rijmt er op bedrijfscrisis
Elk of elke: Elke bedrijfscrisis
Aanwijzend voornaamwoord: Die bedrijfscrisis
Bezittelijk voornaamwoord: Onze bedrijfscrisis
Wat rijmt er op bedrijfscrisis
Oefening van de dag